23 augustus 2017 - We wagen ons aan een eerste, voorlopige beoordeling van het ondersteuningsmodel zoals dit vanaf 1 september 2017 van start gaat.

Impuls 11

GRIP had de verwachting geformuleerd dat er vanaf september 2017 voldoende, gepaste ondersteuning wordt geboden aan alle leerlingen met een handicap in het gewoon onderwijs (zie adviesnota).

In een uitgebreide nota willen we vanuit GRIP een eerste, voorlopige beoordeling weergeven van het ondersteuningsmodel zoals dit vanaf 1 september 2017 in voege treedt. Deze beoordeling maken we op basis van wat er nu is voorzien om als ondersteuningsmodel op te starten met het nieuwe schooljaar. We voorzien om na een paar maanden deze beoordeling aan te vullen met de eerste bevindingen uit de praktijk.

 

 

Een verder stap in de uitwerking van het M-decreet

Met de invoering van het nieuwe ondersteuningsmodel maken de Vlaamse regering en het Vlaams parlement duidelijk dat de koers die ingezet werd met het M-decreet wordt aangehouden. De beweging naar meer inclusief onderwijs wordt versterkt door maatregelen die ambiëren dat er een antwoord komt op alle vragen naar ondersteuning in het gewoon onderwijs. GRIP waardeert deze stellingname. Een terugschroeven van het M-decreet zouden we onaanvaardbaar hebben gevonden. En voldoende, gepaste ondersteuning vanaf het schooljaar 2017-2018 was een noodzaak die wij heel sterk hebben aangegeven.

 

Werken aan inclusie met de handrem op

Het nieuwe ondersteuningsmodel is een stap voorwaarts maar blijft ook na grondige analyse bij GRIP een reactie van ontgoocheling en bezorgdheid oproepen.

Dit is niet het ondersteuningsmodel dat nodig is om inclusief onderwijs ten volle waar te maken in Vlaanderen. De voorgestelde maatregelen vertonen een tekort aan coherentie en slagkracht en vooral een tekort aan gerichtheid op echte inclusie.

We vrezen als effect een rem op inclusie door:

 

  • een tekort aan garanties voor voldoende en gepaste ondersteuning voor ALLE leerlingen;
  • het uitblijven van meer PAB’s die kunnen ingezet worden binnen het inclusief onderwijs;
  • het groot tekort aan medezeggenschap van de ouders en de leerlingen in de bepaling van de ondersteuning;
  • het ontbreken van een wervende visie op inclusie. Inclusief onderwijs wordt te weinig als uitgangspunt genomen;
  • de principiële keuze voor een behoud van een apart systeem van buitengewoon onderwijs, ook op lange termijn;
  • het behoud van de regie en de middelen in handen van het buitengewoon onderwijs;
  • het uitblijven van een regeling voor kiné en logo binnen het inclusief onderwijs;
  • het stopzetten van specifieke benadering van de competentiebegeleiders.

  

Meer info:

 

 

 

 

 

 

 

gelijke kansen