Europese gezinsorganisatie pleit voor deïnstitutionaliseren

Op 15 mei werd in het Europees Parlement het boek Family Dimension of the UN-Convention on the Rights of Persons with Disabilities voorgesteld. Met dit boek wil COFASE, de confederatie van Europese gezinsorganisaties, bijdragen tot de verspreiding van het VN-Verdrag en specifiek aandacht vragen voor de familiale dimensie.

 

Ondersteuning in de gemeenschap

Het VN-Verdrag trekt volop de kaart van gelijke rechten en empowerment. Daar zijn gezinnen alleen maar meer gebaat, volgens Chantal Bruno, voorzitster van COFASE - Disability. Belangrijke streefdoelen hierbij zijn de erkenning van gelijkheid voor de wet (art.12) en voldoende ondersteuning om te leven in de maatschappij (art.19). Het proces van deïnstitutionalisering moet krachtig aangevat worden met de investering in 'community-based' diensten en de erkenning en ondersteuning van mantelzorgers.  

Pas op voor de economische crisis

Adam Kosa, een doof Europees parlementslid, leidde deze voorstelling met veel begrip voor de situatie van personen met een handicap. Hij wees erop dat er grote waakzaamheid nodig is, opdat de economische crisis het proces van implementatie van het VN-Verdrag niet zou dwarsbomen.

Wat als ouders vragen om plaatsen in instellingen?

Hoe we moeten omgaan met de indringende vragen van ouders naar meer plaatsen in instellingen? Deze vraag stelden we vanuit GRIP.

Jan Jarab, van het bureau van de Europese commissaris voor de mensenrechten, antwoordde dat deze tegenreactie tegen deïnstutionalisering normaal is, maar van voorbijgaande aard. Zo stelde men in de V.S. en in Finland oorspronkelijk heel wat verzet vast bij de families, maar na 10 jaar investeren in inclusieve ondersteuningsmogelijkheden, sloeg dit wel degelijk om in tevredenheid.

gelijke kansen