In gesprek met minister Matthias Diependaele over een inclusief woonbeleid

Wonen In gesprek met minister Matthias Diependaele over een inclusief woonbeleid

Hoe kijkt onze Vlaamse minister van Wonen naar de situatie van personen met een handicap op de woonmarkt?

Het recht op zelfstandig wonen zit verankerd in de mensenrechten. Ook wanneer je leeft met een handicap zou je in een ideale wereld toegang moeten hebben tot een eigen thuis, een plek waar je graag woont, je veilig en wel voelt en waarbinnen je, met de juiste omkadering, zelf kan bepalen hoe je zou willen leven. Om in kaart te brengen waar vandaag de knelpunten in het woonbeleid zitten, voert GRIP een reeks gesprekken met experten, ervaringsdeskundigen en beleidsmakers. Ook Vlaams minister van Wonen Matthias Diependaele konden we een reeks vragen voorleggen.

Inclusief?

Als opwarmer een inlevingsvraag: wat zijn volgens jou de belangrijkste woonwensen van personen met een handicap?

Ik denk dat dit heel uiteenlopend kan zijn, al naargelang de beperking die iemand heeft. Tegelijkertijd lijken me dat gewoon dezelfde wensen te zijn als iedereen: dat je je thuis kan voelen, en comfortabel kan leven, en dat je jezelf kan beredderen op een gemakkelijke manier.

Hoe inclusief wonen we volgens jou vandaag in Vlaanderen?

Is er voldoende aanbod voor iedereen met zijn wensen en zijn noden op de woonmarkt? Op dit moment zitten we in ieder geval met een probleem. Wij proberen als overheid voor alle verschillende groepen zo snel mogelijk bij te bouwen, maar evident is dat niet.

Er zijn ook twee externe oorzaken waar wij jammer genoeg niets aan te zeggen hebben, maar die volgens mij te weinig deel uitmaken van het debat. In de eerste plaats – en daar kan je zeker niets aan doen – heb je gezinsverdunning. Je hebt meer en meer eenpersoonsgezinnen, dus dan heb je ook een wooneenheid voor één iemand nodig. Ten tweede heb je de migratie. Als je weet dat we ergens tussen de 20.000 en de 25.000 mensen die er jaarlijks bijkomen een woning moeten geven … dat is een stad als Zottegem – waar ik vandaan kom – die we moeten bijbouwen per jaar. Dat is natuurlijk gigantisch. Dat zorgt voor een hogere vraag op de woonmarkt dan dat er aanbod is op dit moment en dat is een enorme uitdaging.

De speerpunten van GRIP rond het recht op wonen

Sociale huurmarkt

De speerpunten van GRIP rond het recht op wonen

In de standpuntnota van GRIP over een inclusief woonbeleid staat een sterke verhoging van het aantal sociale woningen hoog op de prioriteitenlijst. Met om en bij de 170.000 wachtenden op de wachtlijst, hoe moet een ambitieus groeipad er uitzien?

Ik denk dat het exact moet zijn wat we nu doen. De ambitie is er, de wil is er, de uitdrukkelijke politieke keuze om daar geld voor vrij te maken is er ook. Er is nog nooit een Vlaamse regering geweest die zo veel geld heeft uitgetrokken voor sociale woningbouw: 4,5 miljard* op een legislatuur.

We zitten alleen wel met een heel pak andere factoren die ervoor zorgen dat het niet zo gemakkelijk is om dat geld ook effectief te investeren. We hebben in Vlaanderen beperkte open ruimte. De maatschappelijke en politieke consensus is dat we nog zo weinig mogelijk van die open ruimte mogen aansnijden. Dat zorgt ervoor dat je bij wijze van spreken uit een vierkante meter meer woningen moet krijgen. Daaraan gekoppeld is er het moeilijke vergunningenbeleid. Een derde factor is de bouwkost. De laatste tijd is dat een wekelijks stijgend probleem. Nog een reden is dat we middenin een hervorming zitten van de hele sociale huisvestingssector. We evolueren naar een eengemaakte Woonmaatschappij. Op dit moment zorgt dat voor een vertraging omdat de verschillende sociale huisvestingsmaatschappijen heel erg kijken naar elkaar en afwachten wat het zal geven. Hierdoor zijn ze te weinig bezig met de projecten waar ze mee bezig zouden moeten zijn om nieuwe woningen te bouwen.

Uit recente cijfers blijkt dat slechts een kwart van het geld dat de Vlaamse regering klaar heeft voor de bouw en renovatie van sociale woningen dit jaar al effectief is gebruikt.

Een van de motivaties voor een eengemaakte Woonmaatschappij is een transparanter, eenvormig toewijzingssysteem: hoe zal dit precies in elkaar zitten?

In het toewijzingsbeleid hebben we duidelijk gekozen om op drie systemen te gaan werken:

Het eerste wat we belangrijk vinden is de lokale binding – en ik weet dat jullie organisatie daar niet zo blij mee is, omdat bepaalde mensen dan geen voorrang krijgen. Ik begrijp het wel, want dat is het moeilijke, maar ook wel het oneerlijke aan het debat: je kan niet focussen op de groep personen met een handicap. Het gaat om voorrang geven in iets waarvan je liever zou hebben dat niemand zou moeten wachten.

Je moet ook denken aan die andere persoon die al zeer lang wacht en die even goed in een precaire woonsituatie zit. Die schuift dan altijd maar achterop. Het gaat hier niet om het geven aan de ene en aan de andere niet, het gaat over ‘wie gaat er eerst?’ Het is verdelen van schaarste, en het is altijd zeer moeilijk om daar een evenwicht in te vinden.

We zetten dus in de eerste plaats in op die lokale binding, omdat we dat belangrijk vinden voor het samenlevingsmodel en omdat we het onrechtvaardig vinden dat mensen door bijvoorbeeld stijgende woningprijzen verdreven worden uit het dorp waar ze zijn opgegroeid.

 

 

Als tweede pijler is het van belang dat we mensen met de hoogste woonnood vooruitschuiven. Dat gaat om 20 procent en daarbij speelt lokale binding niet.

Het derde is de lokale autonomie, waarbij gemeenten zelf ook een deel kunnen invullen met een eigen reglement om bepaalde groepen voorrang te geven. In veel gevallen zetten lokale besturen hier dan in op mensen met een handicap en zeker op ouderen. Ook deze pijler is gekoppeld aan lokale binding. Het zijn de lokale besturen die het beste zicht hebben op wat de noden zijn. De woonsituatie in Antwerpen is niet hetzelfde als in pakweg Diksmuide. Daarom kunnen lokale besturen voor een deel zelf bepalen aan welke mensen ze voorrang geven.

Een sociale huisvestingsmaatschappij (SHM) moet trouwens ook gaan kijken naar wie er allemaal op de wachtlijst staat om dat mee te nemen in de bouw, zodat er rekening gehouden wordt met de noden die er zijn en de aanpassingen die daarvoor moeten worden gedaan. Als iemand zich inschrijft op de wachtlijst en die is bijvoorbeeld visueel beperkt, dan gaat daar bij de bouwprojecten rekening mee gehouden moeten worden. Daarnaast is het ook zo dat er een minimum aantal woningen volgens universal design moeten worden gebouwd.

 

 

Zal die fusie tot  ‘De Woonmaatschappij’ ook tot een hervorming leiden van de sociale huurprijzen? (Op dit moment betaalt niet iedereen in een gelijke situatie hetzelfde huurtarief.)

Neen, dat staat niet gepland. 1 januari 2020 is nog maar net een hervorming van de berekening van de sociale huurprijs doorgevoerd. In mijn ogen zaten daar voordien een paar onrechtvaardigheden in. Om een voorbeeld te geven: Iemand die nog inwoont bij z’n ouders als bijvoorbeeld 24-jarige en die gaat werken, daarvan vinden wij het niet onlogisch dat een deeltje van dat inkomen – en dat is heel beperkt – meegerekend wordt om bij te dragen in de huurprijs. Bij ons thuis ging het niet om een sociale woning, maar ik heb ook moeten bijdragen, het driedubbele van mijn maaltijdcheques was dat, denk ik. In ieder geval: het is niet onlogisch dat je bijdraagt eens je werkt.

Ook energie, wat nu nog een veel groter probleem is, speelt mee. Mensen die in een zeer goed geïsoleerde woning terechtkomen, gaan iets meer betalen omdat ze minder energiekosten hebben.

Welke criteria worden concreet meegenomen in het berekenen van de sociale huurtarieven?

We werken met een uniforme formule: het inkomen van de sociale huurder afgezet tegen de energiecomponent en de waarde van de woning, met een correctie voor het aantal personen ten laste. Het inkomen van inwonende kinderen die geen recht meer hebben op kinderbijslag en minstens drie maanden aan het werk zijn wordt deels mee in rekening gebracht.

Vlaams minister van Wonen Matthias Diependaele

Private huurmarkt

Vlaams minister van Wonen Matthias Diependaele

Op dit moment betalen veel huurders een veel te hoge huur voor hun inkomen. Zeker 30 procent houdt onvoldoende over om nog menswaardig te leven. Wat ga je als minister ondernemen om de betaalbaarheid op de private huurmarkt te verzekeren?

Dat is een gigantisch grote uitdaging. Het eerste wat we doen is sociale woningen bijbouwen, want je zit met het probleem dat er te weinig woningen zijn en te veel mensen die een woning willen. Verder kan je niet zo heel veel gaan doen.

Ik geloof niet in die huurpremies. Op korte termijn is dat misschien een goede oplossing, maar daar stopt het. Het enige wat je uiteindelijk zal gedaan hebben, is de prijs alleen maar duurder gemaakt. Verhuurders gaan op lange termijn die premies doorrekenen in hun prijzen.

Kan je dat niet slim gaan moduleren?

Ik kan geen huurprijzen gaan bepalen. Ik weet dat ze dat in Berlijn doen momenteel, maar dat gaan wij hier niet gaan doen. Binnen het sociale huisvestingsverhaal zijn prijzen aan bepaalde voorwaarden onderworpen. Daar doen we dat wel, maar op de markt gaan we dat niet gaan doen.

Trouwens, de reden daarvoor is dat de verhuurders hier bij ons vaak geen hele grote bedrijven zijn, maar kleine spaarders die op zoek zijn naar een goede belegging voor hun spaargeld. Als je tegen die mensen gaat zeggen "sorry, jij mag niet meer vragen van huurgeld", gaan velen met hun spaargeld snel iets anders doen, de beurs of zo. Of een goede kasbon, bestaat dat nog?

Welke effect krijg je dan op de huizenmarkt? Minder huizen, want je krijgt minder mensen die willen investeren in verhuurbare woningen. Nog minder woningen is een nog groter probleem voor al wie er geen kan vinden en de prijzen gaan weer omhoog. Je moet er verder op doordenken: als je daar een kap op zet, ga je juist het tegenovergestelde bereiken van wat we willen bereiken en dat is meer woningen.

En geconventioneerd verhuren? Ik had begrepen dat dit onder Liesbeth Homans in het regeerakkoord stond, maar er nooit is gekomen?

Men heeft dat onderzocht, maar het ding is dat dit zeer zeer zeer duur is. Dat moet fiscaal ondersteund worden, die verhuurders moeten dan een hele periode geen onroerende voorheffing meer betalen, en dergelijke meer. Wij doen dat al een deeltje op de sociale huurmarkt, waar private woningen verplicht aan sociale huurders verhuurd worden.

 

 

Er valt nochtans iets voor te zeggen dat wanneer je kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid mee in de afspraken van zo’n conventie steekt, je veel kansen geeft aan doelgroepen die het nu moeilijk hebben.

Tuurlijk, maar dan moet je ook een private investeerder hebben die nog een rendement heeft op zijn pand, en hoe ga je dat doen? Dat is uitgerekend: fiscale ondersteuningen, kortingen, weet ik wat allemaal. Dat is natuurlijk het hele aan dit dure verhaal.

En toch … als meer mensen die woonkans krijgen, verdient zich dat toch terug? Begint alles niet met een veilig plek om te wonen? (Zoals bij housing first-projecten al wel werd aangetoond)

Ja, ja, maar housing first is welzijn, hé.

Het kost allemaal geld en dat geld moet van ergens komen. Als je mij een oplossing kunt bieden om ergens geld bij te vinden, dan is mij dat ook goed, dan kunnen we dat allemaal doen. Geen enkel probleem. Het zijn meestal altijd dezelfde mensen die het moeten betalen ook. En die willen dat betalen, maar er zit een grens op, op die solidariteit. Daar maak ik me in alle eerlijkheid een beetje zorgen over.

Bij de sociale woonmarkt leeft bijvoorbeeld sterk het beeld dat daar veel profitariaat in zit. Liesbeth Homans heeft in de vorige legislatuur een maatregel genomen waarvan ik denk dat die op heel lange termijn – en dat is het probleem dat het zo lang wachten wordt – echt wel veel of toch een deel gaat oplossen. Sociale huurders die in een sociale woning geraakten, hadden tot 2017 levenslang een contract, ook al kregen die plots promotie of wonnen ze de lotto. Dat is natuurlijk ook niet rechtvaardig: een heel goedkope huurprijs betalen terwijl je eigenlijk een groot inkomen hebt én de rest van de samenleving die ondertussen ook nog eens de sociale toeslag betaalt. Sinds 2017 zijn alle contracten beperkt tot 9 jaar. In 2026 zal iedereen die er sindsdien ingekomen is terug moeten aangeven hoeveel ze verdienen. Wie meer verdient, zal moeten verhuizen en zelf op de private huurmarkt iets zoeken. Dan kan je die woning opnieuw geven aan iemand die het effectief nodig heeft.

Oké, maar dan moet die private huurmarkt natuurlijk ook wel betaalbaar blijven, anders kunnen mensen niet doorschuiven.

Ik denk in alle eerlijkheid dat de meeste van die mensen gaan doorschuiven naar eigenaarschap van een eigen woning, en daar bieden we maatregelen voor. We hebben nog maar net voor de eerste / enige aankoop de registratierechten verlaagd van 6 naar 3 procent. We compenseren dat met een verhoging, nog maar eens een andere klasse die dat betaalt. Mensen die een tweede verblijf kopen – maar die kunnen het zich dat permitteren, denk ik dan – betalen 12 in plaats van 10 procent registratierechten. Ook bedrijven die een bedrijfsruimte willen kopen, moeten nu 12 procent betalen om die verlaging te kunnen vergoeden. Zo helpen we mensen richting de koopmarkt, en dat zullen er ongetwijfeld zijn die nu in sociale woningen zitten ook. Dat gaan er geen honderden per jaar zijn, maar mensen die het kunnen, die moedigen we aan om daar naartoe te gaan. Zo hebben we terug een woning vrij voor iemand die het nodig heeft.

 

Toegankelijkheid

Het valt wel op: er zijn energie- en brandveiligheidseisen in de private bouwmarkt, maar toegankelijkheidseisen lijken er niet te zijn? Veel nieuwbouw belandt vroeger of later toch op de huurmarkt, dus is het dan niet zinvol om maximaal in te zetten op universal design?

Wij leggen bepaalde normen op, maar inderdaad niet naar toegankelijkheid toe. De focus ligt op de minimale woningkwaliteitsnormen. Die kan je beschouwen als de absolute ondergrens om menswaardig te kunnen wonen: veiligheid en gezondheid. Zorgen dat de elektriciteit conform is, dat er geen schimmel op de muren staat, dat er geen water binnenkomt, … Als overheid kan je daar niet al te ver in doorschieten, dat is een elastiekje waar je aan trekt. Hoe strenger je die normen maakt, hoe meer druk je zet op de private markt en hoe beperkender het is qua aanbod.

Het zou ook moeilijk zijn, niet? Welke normen zouden we dan moeten opleggen?

 

 

Ik denk maar simpelweg aan de breedte van deuren, zodat mensen in een rolstoel ook toegang krijgen.

Zouden we dan alle woningen in Vlaanderen bredere deuren moeten geven? Allemaal?

Alles wat vanaf nu gebouwd wordt toch in ieder geval?

Ik ben ervan overtuigd dat bij private ontwikkelaars al dergelijke inspanningen gedaan worden. Een minimumbreedte en op het gelijkvloers vaak alles wat groter. Ik weet dat nu toevallig omdat een vriend van me architect is. Ze houden daar wel rekening mee, maar niet bij alle woningen, en ik weet ook niet of dat wel nodig is. Wat moet je dan nog allemaal gaan opleggen? Elke woning in Vlaanderen bredere deuren? Eerst en vooral is dat naar stookkosten al belangrijk en de kostprijs voor nieuwe standaarddeuren, en zo…

En toch…het kan eender wie overkomen om een handicap te krijgen?

Ik heb het je gezegd: mijn moeder was gehandicapt, dus ik weet het goed genoeg, maar ik denk niet dat mijn moeder het ooit in haar hoofd zou hebben gehaald om te eisen dat alle deuren werden aangepast. Ze zat ook niet in een rolstoel, voor alle duidelijkheid.

Maar, er zijn wel wat grenzen op wat je kan doen, natuurlijk.

Hoe kijk je dan naar het maximaal toepassen van universal design?

Er zijn ook veel ontwikkelaars die dat doen, maar het is inderdaad niet opgelegd door de overheid. We zitten al met een tekort aan woningen, we hebben mensen nodig die investeren in gebouwen, in huizen voor anderen. Hoe strenger en hoe moeilijker we het gaan maken om dat te doen, hoe minder dat er aangeboden zullen worden op de markt.

Ben je daarvan overtuigd dat dat zo is?

Heilig van overtuigd.

Heilig van overtuigd? Dus als je zou zeggen dat er naast energie en brandveiligheid ook een bepaalde toegankelijkheid moet zijn, zou dat nefast zijn?

Ik heb vandaag nog maar de cijfers gehoord. Sinds januari hebben we nieuwe normen naar isolatie toe, we hebben daardoor al een derde meer ongeschiktheidsverklaringen. Dat betekent dat een derde van de gecontroleerde woningen die ongeschikt verklaard worden, afvallen. Door onze nieuwe normen, die nog heel minimaal zijn, want het is eigenlijk niet veel dat we vragen op vlak van isolatie, zijn we weer ettelijke woningen kwijt op de markt.

Die criteria zijn er niet voor niets, dus dan is het terecht dat ze ongeschikt worden verklaard en dat verhuurders in actie moeten schieten, toch?

Terecht, ja, maar je hebt die woningen ook nodig, hé.

Heeft iemand die met zo’n afgekeurde woning zit, dan niet de reflex van het snel in orde te brengen?

Dat weet ik niet of die daar de mogelijkheden toe heeft. Je moet weten dat 70 procent van de verhuurders in Vlaanderen geen grootgrondbezitters zijn, hé. Dat zijn meestal mensen die 1 of 2 huizekes geërfd hebben en die verhuren. Of een jong koppel dat begon in een klein huisje, zich opwerkte op het werk, zich een groter huis kon veroorloven en besloot om het oude te houden om te verhuren. Uiteraard moeten die minimale voorwaarden nageleefd worden, en je zou er vanuit gaan dat wie kan, ook gerust wat meer kan doen. Maar, dat zijn niet allemaal de grote bankiers. 70 procent van onze huurmarkt in Vlaanderen zijn verhuurders die maar 1 of 2 huizekes hebben. In bijvoorbeeld Duitsland is dat anders, daar heb je bedrijven die tot tienduizenden woningen hebben. Dat bestaat hier niet.

Vrouw in rolstoel in een aangepaste keuken

Aangepast

Vrouw in rolstoel in een aangepaste keuken

Redelijke aanpassingen mogen niet geweigerd worden vanuit discriminatie. Waar beginnen en waar eindigen die redelijke aanpassingen volgens jou?

Dat is een vrederechter die daarover moet oordelen, denk ik. Jammer als het natuurlijk tot een conflict moet komen, maar dat gebeurt meermaals. Je kan dat onmogelijk als algemene regel stellen. Op elk individueel voorstel zou ik dat wel kunnen zeggen, maar algemeen is dat moeilijk.

Kan je voorbeelden geven van redelijke aanpassingen?

Neem nu iemand die in een huizenblok woont, in een appartement op de derde verdieping, en die heeft plotseling iets voor en komt in een rolstoel terecht, maar er zit geen lift in dat gebouw. De verhuurder is bijvoorbeeld een oud koppeltje, dat heel hun leven gewerkt heeft en het oud herenhuis van mama of papa geërfd heeft en daar een woning en boven een studio van heeft gemaakt. Als de huurder zou afdwingen om daar dan een lift in te installeren, lijkt me dat geen redelijke aanpassing te zijn. Dan kan het OCMW helpen om voor die persoon ergens anders een woning te zoeken. Ik denk dat die dat zelf ook wel zal begrijpen.

Iemand die plots doof zou worden en nood heeft aan een deurbel met stroboscoop, dat vind ik een redelijke aanpassing, dat moet kunnen. Dat lijkt me geen uitdaging. Of een keukenkastje uitbreken om te zorgen dat een aanrecht onderrijdbaar is met een rolstoel, een speciaal systeem zetten in een douche ook.

De volwaardige terugbetaling van woningaanpassingen is ook een streefdoel van GRIP. Wanneer mensen hun eigen woning omwille van een handicap moeten aanpassen, draaien ze daar nog heel vaak zelf voor op. Zijn daar dingen waar jij iets in kan ondernemen als minister van Wonen?

Ik moet daar voorzichtig in zijn, want dat is natuurlijk mijn bevoegdheid niet, dat is de ondersteuning van personen met een handicap en dat zit bij Wouter Beke.

Daar moet toch ook een zekere kruisbestuiving zijn?

Wij werken op veel dingen samen, zoals het armoedebestrijdingsplan, maar de gehandicaptenondersteuning voor welke aanpassing dan ook, dat zit volledig bij Welzijn.

Vlaams minister van Wonen Matthias Diependaele

Discriminatie

Vlaams minister van Wonen Matthias Diependaele

Heb je een zicht op wat de drempels zijn voor mensen met een handicap om zelf een woning te kopen?

Nee, maar ik kan me voorstellen dat die inderdaad wel groot zijn. Of je daar veel aan kan dan, dat is een andere vraag. We hebben vandaag wel een aantal instrumenten, waaronder de bijzondere sociale lening. Mensen die onder bepaalde inkomensgrenzen vallen, kunnen beroep doen op een goedkopere financiering om een woning te kunnen kopen. Dat is dus ondersteuning voor kwetsbare mensen die zich op de koopmarkt willen begeven. Jaarlijks wordt op die manier ongeveer een miljard euro uitgeleend.

Recent werden wat onderzoeken gevoerd met praktijktesten. De resultaten zijn allesbehalve rooskleurig, in het bijzonder op vlak van discriminatie van personen met een handicap. Welke vooroordelen denk jij dat er leven bij de verhuurders als het gaat over een huurder met een beperking?

Eerst en vooral: ik ben tegen praktijktesten, omdat ik dat een slecht instrument vind. Zeker op de huurmarkt heeft dat nog niet veel bijgebracht. Men heeft zich daar op aangepast om niet meer betrapt te worden bij praktijktesten: gewoon iedereen aan de telefoon toelaten. Dan kan je de test omzeilen, maar doe je er niet effectief iets mee.

Wat leeft er bij die mensen? Ik weet het niet. Schrik, zeker, dat het veel zal kosten om aanpassingen te moeten doen? De meeste verhuurders willen ook maar gewoon een cent halen uit hun pand, en als ze niet willen verhuren aan iemand, is dat volgens mij meestal uit schrik dat ze die cent niet gaan hebben.

Wordt er op je kabinet nagedacht over manieren om de discriminatie tegen te gaan?

Euh, je mag onze rol ook niet te groot maken. Wij beheersen geen markt, wij bouwen geen product, wij maken ook zelf geen huizen als Vlaamse overheid. We gaan zelf ook niet verhuren. Heel veel instrumenten hebben we niet, behalve een regelgeving op poten zetten en eisen dat die regelgeving nagekomen wordt. Discriminatie op basis van handicap is nu eenmaal nog altijd verboden.

Dat is een beetje hetzelfde als aan de minister van Mobiliteit vragen wat hij doet om te zorgen dat iedereen de auto kan kopen die hij wil. Dat is niet wat een overheid moet doen.

Dat vind ik een rare vergelijking. Als er onderzoeken op tafel liggen die aantonen dat mensen met een handicap bovengemiddeld gediscrimineerd worden, kan er toch worden nagedacht hoe je verhuurders kan sensibiliseren om die vooroordelen ten opzichte van mensen met een handicap niet te hebben?

Eerst en vooral: die praktijktesten zelf zijn sensibiliserend. Ik vind dat bijvoorbeeld een universiteit dat mag doen, maar een overheid niet. Die sensibilisering is zo dus wel gedaan, deels betaald wel door de overheid, maar soit. Dus daar heb je dan je sensibilisering al.

Jij bent tegen praktijktesten, maar ben je ook tegen quota binnen woonprojecten voor personen met een handicap?

Nee, maar het hangt er een beetje vanaf. Bij sociale woningen zorgen we op basis van de wachtlijst al voor een 1-op-1-tegemoetkoming van de noden waar het over gaat, want niet elke handicap is hetzelfde. In private ontwikkelingen lijkt me dat niet haalbaar. Dan moet het al gaan om zeer grote ontwikkelingen en zo veel heb je er niet. Voor de rest is dat bijna onmogelijk, hé.

Ligt er volgens jou ook verantwoordelijkheid bij immokantoren om de inclusie na te streven?

Ja, en die is volgens mij zelfs heel groot. Wij praten er ook geregeld mee en proberen hen betrokken te krijgen in het antidiscriminatieverhaal. We dachten dat we daar met het Clee-project een heel goed systeem voor hadden bedacht ook, maar ze hebben ons daar een beetje in de steek gelaten.

De bedoeling van het Clee-systeem is om een objectief huurdersprofiel aan te maken. Het doel van het objectiveren van de criteria is om duidelijk te maken wat de objectieve kenmerken van een huurder zijn. Een belangrijke overwegingsfactor is natuurlijk de permanente inkomensstroom die een huurder heeft. Dat is het belangrijkste waar een verhuurder naar kijkt. Door die huurdersdata op een neutrale manier aan te bieden aan de verhuurders hopen we een positief effect te hebben en discriminatie tegen te gaan.

Dat lijkt me nog een belangrijk vooroordeel dat leeft bij mensen met een handicap: "Dat zal wel iemand zijn die te weinig verdient voor mijn pand." Als je dat op een objectieve manier kan weerleggen, denk ik wel dat het een positieve impact kan hebben op de discriminatie op de huurmarkt. Als je kan zorgen voor een uitnodiging op basis van objectieve criteria, en de mensen ontmoeten elkaar, dan ga je die vooroordelen kunnen wegnemen.

Door mensen te laten praten met elkaar krijg je de discriminatie beter weg.

Gerelateerde artikels

Wonen Sofie's zoektocht: "Hoe wordt mijn woondroom werkelijkheid?" Sofie's zoektocht: "Hoe wordt mijn woondroom werkelijkheid?" Sofie De Schryver onderzoekt, als jonge dertiger met een hoge ondersteuningsnood, hoe ze haar woondroom kan verwezenlijken. 03 dec 2021 / Lynn Formesyn Wonen Hoe verlagen we de drempels naar inclusief wonen? Hoe verlagen we de drempels naar inclusief wonen? Welke oplossingen zien Joy Verstichele (Vlaams Huurdersplatform) en Hugo Beersmans (De Woonzaak) voor de wooncrisis die ook mensen met een handicap treft? 25 nov 2021 / Lynn Formesyn Wonen "Bergen wilskracht nodig om zelfstandig te wonen" "Bergen wilskracht nodig om zelfstandig te wonen" In deze interviewreeks brengen we de knelpunten in kaart van het woonbeleid voor personen met een handicap. Dat het recht op wonen niet zomaar verworven blijkt, ervaart ook Tim Agterbos. 16 sep 2021 / Lynn Formesyn Toegankelijkheid Wonen Over drempels op de woonmarkt voor personen met een handicap Over drempels op de woonmarkt voor personen met een handicap Waar zitten de handicaps in ons huidig woonbeleid? GRIP sprak erover met Koen Hermans. 04 mei 2021 / Lynn Formesyn Wonen De woelige weg naar zelfstandig wonen De woelige weg naar zelfstandig wonen GRIP-collega Ans Janssens (27) getuigt over hoe woelig de weg naar een eigen woonst verloopt, ook al vindt ze zichzelf nog behoren tot de gelukzakken. 07 apr 2021 / Lynn Formesyn Recht op wonen in 't kort Recht op wonen in 't kort Wat is het recht op wonen? Hoe is het gesteld in ons land? Hoe kan het beter? Lees erover in onze korte tekst in eenvoudigere taal! 17 jan 2021 / Katrijn Ruts Daarom steunt GRIP de Woonzaak Daarom steunt GRIP de Woonzaak Met de Woonzaak werken diverse organisaties samen om de wooncrisis te stoppen. Ook GRIP heeft zich aangesloten. 16 jan 2021 / Katrijn Ruts Mensenrechten Discriminatie huurmarkt Discriminatie huurmarkt Bij zoeken naar huurwoning wordt 36% van de rolstoelgebruikers in Antwerpen gediscrimineerd, wijst nieuw onderzoek met praktijktesten uit. "Kan toch niet dat dit onbestraft blijft?" 10 dec 2020 / Katrijn Ruts Ministers laten veertigers, vijftigers en zestigers jaren in rusthuizen zitten. Ministers laten veertigers, vijftigers en zestigers jaren in rusthuizen zitten. Joke (40) en Herman (62) wonen in een woonzorgcentrum omdat ze op de wachtlijst staan voor een PVB. GRIP sprak met hen. 25 nov 2020 / Katrijn Ruts Zullen personen met een handicap na corona zelf kunnen kiezen waar ze wonen? Zullen personen met een handicap na corona zelf kunnen kiezen waar ze wonen? Dit opiniestuk op knack.be pleit voor een beleid dat een leven in de maatschappij ten volle ondersteunt. Het kwam tot stand in samenwerking  met mensen uit het Netwerk Ondersteuningsbeleid van GRIP. 15 jun 2020 / Katrijn Ruts Wonen Word vrijwilliger in het Netwerk Wonen Word vrijwilliger in het Netwerk Wonen 05 mrt 2020 / Marie Aeles Standpuntnota 'Een inclusief woonbeleid' Standpuntnota 'Een inclusief woonbeleid' In Vlaanderen wordt niet aan het recht op wonen voldaan. Lees de visie en voorstellen van GRIP voor beleidsmakers. 31 jan 2020 / Katrijn Ruts Wonen Wonen: dromen, drempels en hefbomen Wonen: dromen, drempels en hefbomen Iedereen heeft recht op een eigen woonplek midden in de maatschappij. Jan en Léticia, Guny, Dominiek, Geert, Thomas en Katy vertellen hun ervaring met het realiseren van hun woondroom. Inspirerende ge ... 06 mrt 2018 / Katrijn Ruts Wonen Een huis, een thuis, maar geen tehuis Een huis, een thuis, maar geen tehuis In onze nieuwste publicatie #inclusie#wonen laten we 5 mensen aan het woord. Zij vertellen hoe ze inclusief wonen waarmaken in de praktijk. 11 dec 2017 / Katrijn Ruts Wonen Nog veel werk voor het woonbeleid Nog veel werk voor het woonbeleid Dat is de algemene conclusie van het debat over Wonen van GRIP op 22 april. Dit was een activiteit op de REVA-beurs in Flanders Expo. Beleidsmakers, experten en ervaringsdeskundigen bespraken hoe pers ... 30 apr 2017 / Katrijn Ruts
Verberg submenu