Sociale huur bij Thuiswest in Roeselare
Xavier: “Voor mij is dit Oost West Thuis Best”
Dag Xavier, stel jezelf eens voor?
Hallo, mijn naam is Xavier. Ik leef met de gevolgen van een hersenverlamming. De rechterzijde van mijn lichaam werkt anders dan bij de meeste mensen. Mijn linkerzijde spant zich dubbel in, dat brengt overbelasting teweeg. Hoewel ik hogere studies deed, is het door mijn handicap voor mij niet vanzelfsprekend om geld te verdienen met werk.
Waar woon je?
Ik woon in Roeselare. Sinds 2016 huur ik er een sociaal appartement.
De woonmaatschappij heet nu Thuiswest. In 2016 heette de woonmaatschappij De Mandel, genoemd naar de gelijknamige stroom. Mijn verhaal over sociaal wonen begint in 2011. Mijn aanvraag werd goedgekeurd. Toch moest ik tot 2016 wachten op de lijst. Ondertussen huurde ik een appartement op de private huurmarkt. De eigenaar overleed. De erfgenamen besloten het appartement te verkopen. Daarna kreeg ik een appartement aangeboden, op de eerste verdieping. Ik woon er nu al tien jaar.
Woon je er graag?
Absoluut! Ik heb een goed contact met mijn buren. Soms nemen zij een pakje voor mij aan. Ze ondersteunen mij bij het buitenzetten van de vuilniszakken. Het appartement is ook redelijk aangepast aan wat ik nodig heb. Ik woon er graag. Ik voel me er thuis. Ik hoop dat ik er kan blijven wonen totdat ik zelf beslis om te verhuizen. Die woonzekerheid is belangrijk voor mij.
Wat maakt het appartement voor jou toegankelijk?
Er is een lift. Mijn voordeur ligt vlak bij de lift. Alle kamers liggen op dezelfde verdieping. Er zijn geen trappen in mijn appartement. De deuren zijn breed. Ik heb een parkeerplaats in de garage onder het gebouw. Daar staan mijn wagen en mijn driewielfiets. De garagepoort gaat vanzelf open en dicht. Dat is nodig voor mij. Een garagepoort die ik met de hand moet openen, zou niet toegankelijk zijn.
Is alles helemaal aangepast aan je noden?
Toch niet. Niet alles is goed toegankelijk. Mijn douche heeft een rand waar ik overheen moet stappen. Het is dus geen inloopdouche. De helling van de garage is te steil. Ik kan zonder elektrische ondersteuning niet naar boven fietsen. Het bedrijf dat mijn driewielfiets leverde, heeft dit meermaals met mij getest. Tijdens een test fietste ik letterlijk achteruit. De medewerker moest mij tegenhouden. Volgens de leverancier kan ik mijn driewielfiets nochtans het best binnenzetten. Buiten kan de fiets én elektrische batterijaandrijving schade krijgen door regen en wind. De fiets kan ook gestolen of kapotgemaakt worden.
Heb je de aanpassingen met de bouwheer kunnen bespreken? Welke aanpassingen werden later geplaatst?
Ik heb de aanpassingen niet kunnen bespreken met de bouwheer. De bouw was immers al rond. Na mijn verhuis heb ik zelf handgrepen in de douche en het toilet geregeld. Ik kocht ook antislipmatten en een douchestoel via de thuiszorgwinkel.
Heb je geld teruggekregen van de overheid? Hoe belangrijk vind je dit?
Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH) betaalde een deel van de handgrepen. De antislipmatten en douchestoel betaalde ik zelf.
De Vlaamse Sociale Bescherming (VSB) betaalde een deel van mijn driewielfiets. Ze betaalde niet mee voor de elektrische ondersteuning. Die ondersteuning heb ik nochtans wel nodig om de helling van de garage op te fietsen.
Tussenkomst van de overheid is heel belangrijk om het ongelijke gelijkwaardig te trekken. Ik bevind me in een ongelijke positie ten opzichte van iemand die zo’n driewielfiets op batterijen niet nodig heeft om het hellend vlak op te rijden. De extra kosten worden echter deels gecompenseerd door die tussenkomst van de overheid. Zo wordt het gelijkwaardiger. Toch betaalt de overheid niet alles. Er zou nog meer afstemming kunnen zijn tussen beleidsdomeinen onderling. Op het eerste gezicht gaat de driewielfiets over vervoer. Voor mij gaat het ook over wonen. Mijn driewielfiets heeft, op aanraden van de leverancier, een veilige en toegankelijke plaats nodig bij mijn appartement.
De parkeerplaats hoort bij mijn appartement. Volgens mijn huurcontract moet ik die standplaats samen met mijn appartement huren. Dat zou ook zo zijn als ik geen voertuigen had. Ik gebruik de parkeerplaats voor mijn aangepaste wagen en mijn driewielfiets. Toch kan ik zonder elektrische ondersteuning niet zelf uit de garage fietsen. Dit toont dat vervoer en wonen bij elkaar horen. Een aangepaste fiets is pas bruikbaar als er bij de woning een veilige en toegankelijke plaats voor is. De toegankelijkheid van een woning stopt dus niet aan de voordeur.
Heb je ooit overwogen om een woning te kopen?
Ja, in 2019 deden enkele politici negatieve uitspraken over sociale huurders. Ik had het gevoel dat zelfs de toenmalige bevoegde minister hen soms voorstelde als profiteurs. Dat wakkerde een vuur in mij aan. Ik wilde weg van het negatieve beeld over sociale huur. Samen met mijn hoofdmantelzorger onderzocht ik of ik een sociale koopwoning kon kopen. Mijn inkomen bestond toen uit een inkomensvervangende tegemoetkoming. Dit is een tegemoetkoming voor personen met een handicap die weinig of geen inkomen uit werk kunnen verdienen. Mijn inkomen lag, in 2019, onder de Europese armoedegrens. Dat betekent dat mijn inkomen heel laag was. Met dat inkomen kon ik geen lening krijgen. Dat lukte ook niet bij het Vlaams Woningfonds. Daarom moest ik mijn plan snel weer opbergen. Ik had me wel al ingeschreven voor een sociale koopwoning. Daardoor kon ik een aangepaste woning voor een persoon met een handicap gaan bekijken. Als ik toen genoeg geld had gehad, woonde ik nu misschien in het koopproject Kruiskalsijde in Gits.
Heb je er spijt van dat je die woning toen niet hebt gekocht?
Nee, ik heb daar geen spijt van. Nu merk ik dat huren goed aansluit bij mijn omstandigheden. Als eigenaar moet je alle herstellingen en werken zelf regelen. Dat is niet altijd evident voor iemand die alleen woont en niet zelf alle herstellingen kan uitvoeren. Als huurder hoef ik niet zelf in te staan voor die herstellingen. Ik huur nu tien jaar hetzelfde appartement. Sommige delen beginnen ouder te worden. Als er iets stukgaat, kan ik de technische dienst van de woonmaatschappij bellen. Hun technische dienst controleert dan wat er aan de hand is. Komt het probleem door ouderdom? Dan betaalt de eigenaar, dus de woonmaatschappij, de herstelling. Dat is belangrijk voor mij. Door mijn handicap kan ik zelf geen kleine werken uitvoeren. Het is handig dat de woonmaatschappij de herstellingen uitvoert.
Is de omgeving van je appartement toegankelijk?
Mijn appartement ligt in het centrum van Roeselare. Dat is heel handig. Veel plaatsen zijn dichtbij. Met mijn driewielfiets ben ik snel aan het station. Er zijn ook verschillende supermarkten in de buurt. Diensten aan huis kunnen mij gemakkelijk bereiken. Zo komen een kinesist, een verpleegkundige, gezinszorg en poetshulp bij mij thuis.
Als ik de woning in Gits had kunnen kopen, zou ik verder van winkels, het station en andere voorzieningen wonen. Ik weet niet precies hoe vlot ik daar de nodige ondersteuning van dienstverleners zou kunnen krijgen. Gits ligt in ieder geval verder weg voor de dienstverleners die me nu ondersteunen.
Heb je tips voor beleid, bouwheren of architecten?
Mijn eerste tip is: bouw genoeg sociale woningen en kies voor kwaliteit.
Het is evident dat er veel meer sociale huurwoningen nodig zijn. Dat zou niet meer ter discussie moeten staan. Maar de woningen moeten ook van goede kwaliteit zijn. De gemeenschappelijke garagepoort van mijn gebouw gaat ongeveer 4 keer per jaar stuk. Een kennis van mij kent veel van garagepoorten. Volgens hem is de poort niet sterk genoeg voor het gewicht dat die moet dragen. Hij denkt dat bij de bouw goedkoop materiaal werd gekozen. Los van zijn vermoeden blijft het jammer dat de poort zo vaak stukgaat. De eerstelijnsmedewerkers van de woonmaatschappij kunnen daar weinig aan veranderen. Zij kunnen de poort herstellen, maar kiezen niet welk materiaal bij de bouw wordt gebruikt. Bij nieuwe sociale woningen wordt soms gekozen voor prefab. Bij prefab worden grote delen van de woning vooraf in een fabriek gemaakt. Zo kunnen er sneller nieuwe woningen komen. Snel bouwen kan een voordeel zijn. Maar vanaf het begin moet er ook aandacht zijn voor kwaliteit en toegankelijkheid. De woning moet goed gebouwd zijn en bruikbaar zijn voor personen met en zonder handicap. Kan een prefabwoning ook goed toegankelijk en kwaliteitsvol zijn? Snel bouwen mag niet betekenen dat kwaliteit en toegankelijkheid minder belangrijk worden.
Mijn tweede tip is: ontwerp woningen vanaf het begin voor iedereen.
Universeel ontwerp betekent dat zo veel mogelijk mensen de woning kunnen gebruiken. Dit geldt voor personen met en zonder handicap. Een voorbeeld zijn antisliptegels in de douche. Die kunnen in elk appartement worden gebruikt. Ook duidelijke informatie is belangrijk. Bij de ingang van de gemeenschappelijke delen in mijn gebouw hangt een informatiebord. De woonmaatschappij gebruikt daarop pictogrammen. Dat zijn eenvoudige tekeningen. Zo krijgen bewoners informatie over de vuilnisophaling, geluidsoverlast en het houden van huisdieren. Dat is een goed voorbeeld van integrale toegankelijkheid. Integrale toegankelijkheid betekent dat iedereen een gebouw, de voorzieningen en de informatie zou goed mogelijk kan gebruiken.
Mijn derde tip is: zorg voor een diverse groep bewoners.
Ik vind het verrijkend als in één gebouw of project mensen met verschillende verhalen wonen. Denk aan mensen van verschillende leeftijden en achtergronden.
Ook hun gezinssituatie en inkomen kunnen verschillen. Het kan gaan over alleenstaanden, koppels of gezinnen met kinderen. In ons gebouw wonen zowel mensen in diepe armoede als mensen die financieel beter kunnen ademhalen. Niet iedere bewoner in hetzelfde gebouw hoeft in dezelfde financiële situatie te zitten. Binnen de inkomensgrenzen kunnen er ook bewoners zijn die wat meer inkomen hebben. De sociale huurprijs hangt voor een groot deel af van het inkomen. Bewoners met een iets hoger inkomen kunnen meer huur betalen. Zo krijgt de woonmaatschappij meer inkomsten.
Als alle bewoners dezelfde vragen en dezelfde noden hebben, is het buurtgebeuren minder sterk. Verschillende bewoners kunnen een buurt sterker maken. Buren hoeven geen goede vrienden te zijn om iets voor elkaar te betekenen. Ook kleine contacten tussen buren kunnen veel steun geven. Samen vormen die diverse contacten een sterker buurtnetwerk. In een sterke buurt kennen mensen elkaar een beetje, hebben ze contact en kunnen ze elkaar helpen als dat nodig is. In mijn appartementsgebouw wonen veel verschillende mensen. Daardoor kunnen wij iets voor elkaar betekenen. Ik kan mijn buurvrouw bijvoorbeeld vragen om te helpen bij het buitenzetten van de vuilniszakken. Zij kan mij vragen om iets af te drukken of om samen naar een officiële brief te kijken.
Wil je nog een boodschap aan de lezer meegeven?
Jazeker: oordeel niet te snel over mensen die in een sociale woonwijk wonen. Iedereen heeft een eigen verhaal. Sommige sociale huurders in Roeselare noemen zichzelf wel eens “Mandelvolk”. Tijdens de laatste lokale verkiezingen hoorde ik bijvoorbeeld: “Wij zijn maar Mandelvolk. Mogen wij verbeteringen vragen? Wie geeft er om ons?” Dat toont hoe sterk een negatief beeld kan worden. En dat is jammer. Ik zie het zo: wij zijn bewoners en burgers met dezelfde rechten als iedereen. Iedereen heeft recht op een veilige, toegankelijke en goede woning. Laat ons er werk van maken!
Gerelateerde artikels
Middelentoets mag mensen niet uitsluiten van een sociale woning
Dit is een korte samenvatting in eenvoudigere taal van het interview met onderzoekster Jill Schoeters.
23 jul 2026 / Katrijn Ruts
Nieuw onderzoek stelt middelentoets in sociale huisvesting in vraag.
Interview met onderzoekster Jill Schoeters: “Een harde vermogensgrens is wellicht niet de beste manier van werken”
23 jul 2026 / Katrijn Ruts
Carehousing - Een grote stap naar inclusief wonen
Ans en Charlotte ijveren met Carehousing voor inclusief wonen in steden met 24/7 betaalbare hulp “ook voor wie een hoge ondersteuningsnood heeft”
29 jun 2026 / Katrijn Ruts
Charlotte en Ans huren privaat in hartje Antwerpen
15 jan 2026 / Katrijn Ruts
GRIP voedt de Strategische Cirkel Wonen en Leefomgeving
Het VAPH wil samen met andere domeinen een Perspectiefplan 2040 maken.
28 nov 2025 / Katrijn Ruts
"Wonen in 2040: Zo zou wonen moeten zijn"
De eerste bijeenkomst van de Strategische Cirkel Wonen en Leefomgeving focust op hoe we de toekomst zien.
28 nov 2025 / Katrijn Ruts
Bruispunt Brugge: info en gespreksavond wonen
woensdag 19 november | 19u tot 21u
16 okt 2025 / Patrick Vandelanotte
Wat voor Academische Werkplaats De-Institutionalisering is er nodig in de toekomst?
09 sep 2025 / Katrijn Ruts
Hoe was GRIP betrokken bij de Academische Werkplaats Deïnstitutionalisering (AWDI)?
Een moeilijk proces
09 sep 2025 / Katrijn Ruts
Marleen getuigt hoe ze haar appartement aangepast liet bouwen.
Een goede illustratie van het belang van woningaanpassingen! Maar wat voor mensen die na 65 een handicap krijgen?
04 sep 2025 / Katrijn Ruts