Voldoende middelen voor persoonlijke budgetten voor ondersteuning zouden verplicht moeten worden bij wet
Auteur: GRIP en Ouders Voor Inclusie
Kinderen en jongeren kunnen niet wachten
Dit artikel kwam tot stand in een samenwerking tussen GRIP en Ouders voor Inclusie. Het kadert in een project van GRIP om de nood aan een sterkere wettelijke verankering van het recht op ondersteuning meer onder de aandacht te brengen.
Wachtlijstmoeheid
Iedereen kent de wachtlijsten. Velen zijn er al aan gewoon geworden. En vaak horen we dat er toch niets aan te doen is. Er is nu eenmaal schaarste aan middelen en we moeten aanvaarden dat die schaarste verdeeld wordt over alle mensen met een handicap, die allemaal nood hebben aan ondersteuning, klinkt het dan.
Nieuwe wind
Tegelijkertijd horen we ook veel strijdbare geluiden van personen met een handicap en hun ouders. Dag na dag merken mensen dat ze zonder het budget kunnen fluiten naar wat voor anderen evident is: zelfstandig wonen, onderwijs, een job, een lief, een fijne vriendenkring. Het uitblijven van hun budget leidt dus tot een schending van allerlei andere rechten. Ondanks het feit dat België al 15 jaar geleden het VN-Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap ratificeerde, is er geen sprake van gelijke rechten of gelijke kansen. Steeds meer mensen met een handicap pikken dat niet langer. Ze willen opkomen voor hun rechten. Terecht.
Onze kinderen en jongeren
Voor kinderen en jongeren gaat de tijd nog veel sneller dan voor volwassenen. Een jaar zonder de nodige assistentie kan hun verdere leven bepalen. Voor hen zorgt het uitblijven van een persoonlijk assistentiebudget voor onomkeerbare gemiste kansen in hun ontwikkeling. Nog steeds ‘kiezen’ heel wat ouders ervoor hun kind naar een internaat te brengen. Maar let op: dat is geen vrije keuze als dit ingegeven is door een tekort aan ondersteuning om hun kind in de maatschappij te laten opgroeien!
En wat met ons als ouders en onze gezinnen?
Door het uitblijven van een persoonlijk assistentiebudget (PAB) of een persoonsvolgend budget (PVB) zien ouders zich vaak gedwongen hun job op te geven of minder te gaan werken. Naast inkomensverlies zijn er gevolgen voor fysieke en mentale gezondheid. Die leiden soms zelfs tot chronische gezondheidsproblemen. Gezinnen en relaties komen onder druk te staan, andere kinderen in het gezin worden getekend door de situatie.
Gelijke kansen gaan hand in hand met een eigen budget en persoonlijke assistentie
Zowel vanuit Ouders voor Inclusie als vanuit GRIP merken we dat de gelijke kansen van kinderen, jongeren en volwassenen met een handicap ernstig in het gedrang komen doordat ze hun PAB of PVB niet krijgen wanneer ze het nodig hebben. Wanneer het PAB eindelijk komt, zijn situaties vaak fel verslechterd en is het sociaal netwerk verzwakt, wat inclusie veel moeilijker maakt. En bij verzwakte gezinnen en verzwakte koopkracht wint niemand.
Wat is de oorzaak van de wachtlijsten?
Een van de redenen voor de wachtlijsten is dat de wetgeving het recht op ondersteuning via een eigen budget nog niet vastlegt. In de wetgeving staat namelijk dat mensen die een erkenning hebben voor een budget dit pas zullen krijgen als de Vlaamse regering er geld voor vrijmaakt. Of mensen met een handicap hun budget krijgen, hangt dus af van de politieke wil van de regering. Bij elke regeringswissel kan de bereidheid veranderen.
Wat kunnen we als gelijkekansenorganisaties hieraan doen?
Als gelijkekansenorganisaties willen we duidelijk zeggen dat dit niet normaal is en dat dit moet veranderen. We merken dat veel mensen die horen over de wachtlijsten het ongelooflijk vinden dat kinderen, jongeren en volwassenen met een handicap lange tijd hun ondersteuningsbudget niet krijgen. In onze samenleving is er dus duidelijk een draagvlak om deze vorm van ondersteuning wél wettelijk te verankeren. Als gelijkekansenorganisaties gaan we met dit signaal aan de slag en ijveren we ervoor dat het recht op ondersteuning wél in onze wetgeving komt.
Onze wetten moeten weerspiegelen wat we normaal vinden
We vinden het in onze samenleving normaal dat een kind naar school kan zodra het de schoolleeftijd bereikt. Of dat een behandeling tegen kanker meteen opstart als de ziekte wordt vastgesteld. Of dat mensen op het einde van de maand hun loon krijgen. En wanneer ze de pensioenleeftijd bereiken hun pensioen. En ga zo maar door. We vinden het zo normaal dat we er nauwelijks nog bij stilstaan. Dit zijn echter rechten die na sociale strijd zijn vastgelegd in regelgeving. Het is niet vanzelf gegaan. Er zijn mensen en organisaties opgekomen voor die rechten, totdat er een goede verankering was in de wetgeving. Een goede wetgeving is cruciaal.
Wat als...
Stel je maar eens voor dat er in de wetgeving zou staan dat een persoon enkel een medische behandeling krijgt als de regering er geld voor wil vrijmaken. Of dat een werkgever je loon alleen zou uitbetalen als hij daarvoor middelen wil vrijmaken. Dit zou niet aanvaard worden. Maar dat is nochtans exact wat er gebeurt met het recht op ondersteuning en het recht om die ondersteuning zelf in te vullen via een eigen budget. Kinderen, jongeren en volwassenen met een handicap moeten jaren wachten op hun budget, hoewel erkend is dat ze dit nodig hebben.
Een sterke wet die zorgt voor voldoende middelen
Als onze samenleving het niet aanvaardbaar vindt dat mensen met een handicap jarenlang op hun budget voor ondersteuning moeten wachten, dan moeten we zorgen voor een sterkere wetgeving. Het recht op ondersteuning moet worden verankerd in de regelgeving. De wetgeving moet zo worden aangepast dat de regering verplicht wordt om voldoende middelen vrij te maken. Dit zou een belangrijke stap zijn in de uitvoering van het VN-Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap.
We starten niet van nul
Twee jaar geleden deed GRIP al een oefening hoe dit eruit zou kunnen zien. Die oefening kan een aanzet vormen om samen na te denken over hoe het recht op ondersteuning steviger kan worden verankerd in onze wetgeving. Een belangrijke vraag voor juristen, beleidsmakers, mensenrechtenorganisaties en verenigingen van personen met een handicap.
Rondetafel in 2026
In 2026 wil GRIP mensen rond de tafel brengen om beleidsexpertise, (mensen)rechtenexpertise, engagement en ervaringskennis samen te leggen. Hoe kunnen we het recht op ondersteuning sterker verankeren in de wetgeving? Wat moeten we daarbij zeker meenemen? Dat zijn de vragen waar we ons in gaan verdiepen. Ook Ouders voor Inclusie zal hierbij aansluiten.
Oproep
Ken je mensen die hier mee willen over nadenken? Ze kunnen contact opnemen met info@gripvzw.be .
Gerelateerde artikels
Tien Rode Lichten
Deze tien hervormingen willen we niet zien doorgaan.
09 dec 2025 / Katrijn Ruts
Voorstel van decreet toeleidingsprocedure ook gevaarlijk voor wie al een PVB heeft
“Veel mensen weten niet wat hen boven het hoofd hangt”
09 dec 2025 / Katrijn Ruts
Eerste hervorming aan PVB nog geen feit
GRIP: “Niet meer dan normaal dat men vooraf de effecten inschat op de rechten van personen met een handicap”
27 nov 2025 / Katrijn Ruts
GRIP blijft bezorgd om de conceptnota VAPH
Toegang tot PVB afsluiten is geen oplossing.
04 nov 2025 / Katrijn Ruts
"Wil Vlaams Parlement besparingsmaatregelen vergemakkelijken?"
Voorstel van decreet toeleidingsprocedure zet mensen met een handicap buitenspel.
16 sep 2025 / Katrijn Ruts
Wat voor Academische Werkplaats De-Institutionalisering is er nodig in de toekomst?
09 sep 2025 / Katrijn Ruts
Hoe was GRIP betrokken bij de Academische Werkplaats Deïnstitutionalisering (AWDI)?
Een moeilijk proces
09 sep 2025 / Katrijn Ruts
Als de Raad van State een regering “terugfluit”, mag je dat letterlijk nemen.
De Raad van State vond de verminderingen van persoonsvolgende budgetten ongrondwettelijk. Hoe heeft de regering dit moeten rechtzetten?
09 sep 2025 / Katrijn Ruts
GRIP standpunt voorgestelde hervormingen ondersteuningsbeleid
Op vraag van de parlementaire Commissie Welzijn bezorgden we ons advies over conceptnota en voorstel van decreet
01 jul 2025 / Katrijn Ruts
Plannen draaien uit op afbraak van zelfregie en keuzevrijheid: “onaanvaardbaar”
Eerste reactie GRIP op conceptnota.
27 mei 2025 / Katrijn Ruts